Van bos naar voedselbos

Bestaand bos heeft een bepaalde natuurwaarde, maar soms is er voor mensen niet veel eten te vinden. Mensen willen soms bestaand bos omvormen naar voedselbos. Is dat wel een goed idee? En hoe doe je dat? En hoe zorg je er dan voor dat ook de waarden voor de natuur vergroot wordt?

Verschillende soorten bossen

Er zijn verschillende soorten bos, met verschillende waarde. Voor dit artikel delen we ze in in drie groepen: oude natuurbossen, jonge natuurbossen, en productiebossen. Een oud natuurbos is een bos wat langer dan 200 jaar bestaat en waar de laatste 100 jaar niet op grote schaal is gekapt door mensen. In deze bossen zie je meestal een hoge biodiversiteit. Alle lagen zijn goed gevuld met bladgroen. Over het algemeen, zeker in nederland, is hier veel koolstof opgeslagen. Oude natuurbossen kunnen we het best helemaal met rust laten. Meestal is er redelijk veel te vinden wat eetbaar is door mensen met wildpluk. Als je er wilt gaan wandelen of oogsten is het devies: netjes op de paden blijven, en de natuur vooral niet verstoren. In sommige bossen is wildpluk daarom ook verboden, en misschien is dat maar goed ook.

Een jong natuurbos is een bos wat niet in monocultuur is aangeplant, en wat niet intensief beheerd of gekapt wordt. Meestal vind je in dit soort bossen een hoge biodiversiteit aan bomen en struiken, maar de kruinlaag en bodem zijn nog niet volgroeid. Hierdoor is er voor bepaalde soorten nog niet genoeg beschutting om te kunnen groeien. Een voedselbos zou een goed voorbeeld kunnen zijn van een jong bos. Aangezien je ook graag een bepaalde hoeveelheid licht door wilt laten komen zodat je kruid en struiklaag goed kan groeien.

Een productiebos is een bos wat is aangeplant voor de houtkap. Dit komt in verschillende varianten voor. Zo zijn er populierenbossen, dennenbossen, eiken-dennen bossen. Er zijn uiteraard ook andere boomsoorten die voor productie worden gebruikt, maar daar zijn in nederland niet veel van aangeplant. Dennen en eiken+dennen is het meest gangbaar, vanwege de mijnbouw een slordige 100 jaar geleden.

Wanneer een productiebos uit dennenbomen bestaat is de grond vaak aan de zure kant. En in de zure omstandigheden is het moeilijk voor sommige soorten om te floreren. Daarnaast staan de bomen vaak dicht op elkaar, aangezien er zo veel mogelijk productie moet zijn op zo’n klein mogelijk oppervlakte. Doordat de bodem vrij arm is, en de aanplant monotoon, is in een productiebos de biodiversiteit niet zo hoog als in natuurlijke bossen.

Met welk soort bos creëer je nu de meeste waarde?

Welk bos is nu het meest waardevol en makkelijkste om te toveren tot een voedselbos? Veel mensen die een voedselbos aanleggen willen namelijk graag iets goeds doen voor de natuur. Omdat productiebos een mindere natuurwaarde heeft dan oerbos kun je het meeste bereiken als je een stuk productiebos omgetoverd tot een voedselbos. Dan zorg je voor de grootste toename in de biodiversiteit. Het bos wordt weerbaarder tegen plagen, en andere problemen door bijvoorbeeld toenemende warmte en droogte.

De eerste stappen

Een bos omtoveren tot een voedselbos brengt andere uitdagingen met zich mee dan een weide of akker omtoveren. Zoals we ook al in het zagen en snoeien artikel hebben gezien, is het meestal nodig om wat zaag en snoeiwerk te doen als je een productiebos wilt veranderen in een voedselbos. Er zal immers ruimte gemaakt moeten worden voor je voedselbos bomen.

Ook is het niet ondenkbaar dat er redelijk wat bramen en amerikaanse vogelkers in je bos zullen groeien als je een Nederlands productiebos gaat omzetten naar voedselbos. Deze zullen dan worden weggehaald, aangezien het nogal woekerende soorten zijn. Ook is het belangrijk om vrij snel aan bodemverbetering te beginnen. Om je zure grond minder zuur te maken, zou je bijvoorbeeld lindes kunnen planten. Dit is ook bij Föda Silva en Marjan’s bos gedaan en de lindes doen het in beide bossen redelijk goed. Daarnaast, zijn de bladeren en takken van de Amerikaanse vogelkers goede mulch om meer organisch materiaal in je grond te krijgen.

Je bos toegankelijk maken is ook handig. Je kunt dit doen door de stammen die overschieten van het zaagwerk te gebruiken om paden aan te geven. De boomstammen en takken werken daar erg goed voor! Daarnaast, zorgt het extra hout op de grond voor goede schuilplaatsen voor dieren en schimmelgroei! Allemaal weer geweldige manieren om de gezondheid van je bosbodem te vergroten.

Wat voorbeelden uit eigen ervaring over de aanplant methode

Nadat je de bodem wat verbeterd hebt en de paden uitgezet, wil je natuurlijk bomen gaan planten. Bij Föda Silve hebben we ervoor gekozen om zoveel mogelijk “inheemse” soorten te planten. Zoals bijvoorbeeld de tamme kastanje. Daar kiezen we namelijk voor een rustige omzetting van het productiebos naar voedselbos. Om die reden is ook de dunning vrij beperkt gedaan. Ongeveer de helft van de dennen is gekapt, maar vooral de jonge dunne exemplaren. Hierdoor lijkt het alsof er bijna niets is gebeurd in de kruinlaag, maar is er toch genoeg licht voor bessen en klimmers.

Bij Paul’s bos daarentegen was weer een andere aanpak nodig. Daar was het namelijk zo dat vrij recent een harvester door het bos was gewalst. Er zitten daardoor grote gaten in de kruinlaag, en er is vrij weinig hout om bodemverbetering mee te doen. Gelukkig is door de extra lichtinval een groot aantal berken gekiemd die snel die gaten op aan het vullen zijn. En door het extra licht en de bodemverbetering door de berken was er direct al de mogelijkheid om wat productievere fruitsoorten te planten. Kleine fruitbomen zoals appels, peren, kersen, pruimen hebben namelijk graag wat meer zon.

Bij Marjan’s bos kozen we voor een aanpak waarbij een gedeelte van het bos flink is aangepakt door meer dan 80% van de bomen te kappen. In een gedeelte mocht de natuur zijn gang gaan. In het donkerder stuk is het voor de vlieren, hazelaars en kastanjes te doen om te overleven, maar door minder licht in de struiklaag is de groei een stuk langzamer. In het lichtere gedeelte gaan de fruitbomen als een speer, en zijn hügelbedden vol pompoenen en allerlei eetbare kruiden al na minder dan een jaar te oogsten.

Vergeet niet om rekening te houden met de mensen om je heen

Het is wel belangrijk om even goed te kijken of je geen problemen krijgt met de gemeente zowel als je gaat zagen als wanneer je wat “exotische” soorten in je bos terug plant. Over het algemeen zal de gemeenten als je niks zegt er niet snel achter komen en zal er ook niet snel iets aan de hand zijn, maar buren of omwonende kunnen natuurlijk een beetje schrikken wanneer er naar hun inziens erg wordt huisgehouden in het bos. En die zouden dus de gemeenten kunnen waarschuwen en als je dan niet goed voorbereid bent is dat minder prettig. Bij Marjan’s bos, zoals je ook in het artikel kan lezen, hebben de omwonende de gemeenten gebeld omdat ze ongerust waren over het zaag en kapwerk in René’s bos. Uiteindelijk bleek de gemeente juist blij te zijn met het onderhoud wat er aan het bos werd gepleegd. Maar dit is niet een reactie waar je altijd vanuit kan gaan. Een gewaarschuwd mens geldt voor twee.

Mocht je een bos hebben wat je graag wilt omzetten naar een voedselbos en nog vragen hebben of wil je graag dat wij jou bos omtoveren? Stuur dan een mailtje naar info@voedselboskabouters.nl en wij helpen je verder.