Ieder jaar is het weer zo ver; De temperaturen dalen, de blaadjes beginnen te verkleuren en het weer wordt onstuimiger. Het begint weer herfst te worden.
Voor vele paddenstoelenliefhebbers begint de spanning op te lopen, want nu is het dé tijd om paddenstoelen te gaan zoeken. Voor vele andere komt ook weer een jaarlijks fenomeen naar boven. Namelijk de angst voor paddenstoelen. Ieder jaar lees je wel weer ergens een artikel over hoe gevaarlijk de Groene Knolamaniet wel niet is of dat er in een ander deel van de wereld iemand aan een paddenstoel is overleden. Dit schetst een beeld dat paddenstoelenplukken erg gevaarlijk is, maar als je het goed doet is dat niet waar. Er gaan ieder jaar veel meer mensen dood aan koeien dan aan giftige paddenstoelen en dan noem ik nog niet eens het gevaar van in een auto de snelweg opgaan. Maar waar komt deze angst dan toch vandaan?

De eetbare Parelamaniet en de psychoactieve/giftige Panteramaniet

Mycofobie

Mycofobie betekend letterlijk de angst voor schimmels. In vele culturen over de wereld (vooral Westerse) zijn schimmels en met name paddenstoelen gevreesd. Ik zelf weet bijvoorbeeld nog goed dat ik vroeger snel mijn handen moest wassen na het aanraken van een paddenstoeltje in het bos. Ze zijn namelijk erg gevaarlijk werd me verteld. En nog dagelijks zie ik mensen foto’s van paddenstoelen plaatsen op social media waar ze hem met een tang of handschoenen vasthouden en vragen hoe ze er vanaf kunnen komen uit de tuin omdat ze kinderen of huisdieren hebben.

Omdat ze giftig zijn?

Maar waar komt deze angst eigenlijk nou echt vandaan? Komt het daadwerkelijk omdat er zoveel giftige paddenstoelen zijn? In principe zijn er namelijk veel meer giftige planten dan dat er giftige paddenstoelen zijn en ook giftige planten kunnen op eetbare planten lijken. Verder kunnen veel planten je al vergiftigen door ze aan te raken. Dit is bij paddenstoelen nooit het geval. Daarnaast kun je nog beargumenteren dat vele planten die giftig zijn ook nog vele sterkere soorten gif bevatten dan de meeste giftige paddenstoelen.

In principe zijn er namelijk veel meer giftige planten dan dat er giftige paddenstoelen zijn en ook giftige planten kunnen op eetbare planten lijken.

Nature of Nurture?

Waarom zijn we dan niet bang voor planten, waarom worden vooral de paddenstoelen als gevaarlijk gezien?
Zou de angst voor paddenstoelen dan diep geweven in ons DNA zitten net zoals de angst voor spinnen? Ook dat lijkt niet waarschijnlijk aangezien er ook vele culturen over de wereld zijn waar deze angst niet bestaat en waar er veel gewerkt wordt met paddenstoelen. Zeer waarschijnlijk is het dus een angst die in de westerse samenleving is ontstaan en van mond op mond in leven blijft.

Aangeleerd gedrag

De reden van deze irrationele angst zou goed met verschillende dingen te maken kunnen hebben. Ten eerste zou het bijvoorbeeld kunnen zijn dat vele culturen paddenstoelen zien als een teken van de dood. En aangezien de dood een natuurlijke angst is van de mens zou het kunnen zijn dat bijgeloof de reden is voor mycofobie. Ten tweede zou het te maken kunnen hebben met de jacht op heksen in de middeleeuwen. Het Christendom was fel tegen op natuur gerelateerde religies. Het fenomeen heks werd bedacht om mensen die zich daar meebezig hielden uit te sluiten en te vervolgen. Het kan heel goed zijn dat heksen in verband werden gebracht met het plukken en gebruiken van paddenstoelen.

Monocultuur ziekteverwekker

Een laatste verklaring kan zijn dat schimmels vaak in de monocultuur ziekteverwekkers zijn. Dat betekend dat als je niet veel diversiteit hebt in een landschap je dan vaak ziekteverwekkende schimmels de kop op komen steken. Deze manier van het land bewerken en beplanten met één gewas (monocultuur) wordt al best lang in de westerse samenleving toegepast. En hierin worden schimmels vaak gezien als de boosdoener van een slechte oogst. Terwijl als je schimmels (mycorrhiza’s) goed inzet kunnen ze juist de oogst aanzienlijk verbeteren. Waarom we dus bang geworden zijn van paddenstoelen en schimmels is niet makkelijk te verklaren. Het is echter wel duidelijk dat deze angst irrationeel is als we kijken naar het gevaar wat er in planten schuilt.

Een laatste verklaring kan zijn dat schimmels vaak in de monocultuur ziekteverwekkers zijn. Dat betekend dat als je niet veel diversiteit hebt in een landschap je dan vaak ziekteverwekkende schimmels de kop op komen steken

Wildplukken

Wildplukken betekend de natuur in gaan om daar eten te oogsten. Vaak hebben we het dan over planten en paddenstoelen. In Nederland mag je overal wildplukken mits je toestemming hebt van de eigenaar van de grond.
Wildplukken wordt steeds en steeds populairder in Nederland. En dat is zeker heel goed mits er respectvol met de natuur wordt omgegaan. 

Weet wat je plukt 

Ondanks dat een angst voor paddenstoelen nergens voor nodig is, is het bij wildplukken (en zo dus ook bij het oogsten uit het voedselbos) erg belangrijk dat de soorten die je plukt goed gedetermineerd zijn. Dit geldt zowel voor planten als voor paddenstoelen.

Bij beide planten en paddenstoelen zijn er veel soorten die op elkaar kunnen lijken waardoor verwisseling mogelijk is. Duizendblad kan bijvoorbeeld verwisseld worden met de dodelijke Gevlekte Scheerling en het Stobbezwammetje met het dodelijke Bundelmosklokje. Vooral als je wilt beginnen met wildplukken en geen ervaring heb met het determineren van planten en paddenstoelen is het belangrijk dat je weet welke soorten heel makkelijk te herkennen zijn en welke soorten lastiger zijn.

Het vroege Eekhoorntjes brood is erg makkelijk te herkennen

Ook de Eikhaas is haast niet te verwarren

Leren determineren

Zo is het aan te raden voor beginnende paddenstoelplukkers om te beginnen met een klein aantal makkelijk te determineren soorten. Cantharellen, Eekhoorntjesbrood en de zwavelzwam zijn hier goede voorbeelden van.
Daarnaast is het ook zaak dat je als beginnende wildplukker ook de giftige soorten goed leert kennen. Dan weet je namelijk snel bij welke soorten je op moet passen. In de paddenstoelenwereld zijn er eigenlijk vooral twee algemene soorten hier in Nederland die echt gevaarlijk zijn. Het Bundelmosklokje en de knolamanieten. Verder zijn er nog meer soorten die je niet graag plukt maar bovenstaande soorten zijn de meest voorkomende levensgevaarlijke soorten.

In de paddenstoelenwereld zijn er eigenlijk vooral twee soorten hier in Nederland die echt gevaarlijk zijn. Het Bundelmosklokje en de knolamanieten.

Het dodelijke bundelmosklokje, echter moet je er wel veel van eten voordat hij echt gevaarlijk is.

Controleer (altijd) bij andere experts 

Verder is het altijd, maar dan ook altijd een goed gebruik om je identificatie te checken bij andere experts, vooral als je de soort nog nooit eerder geplukt hebt. Op internet zijn er verschillende forums en op facebook is er een hele goede groep voor gemaakt (Platform eetbare paddenstoelen).Naast goede determinatie moet je je ook bewust zijn dat je geen planten of paddenstoelen moet plukken op vervuilde grond of dicht langs een drukke autoweg. En alles wat je gaat eten goed wassen en koken is vaak ook belangrijk.

Als laatste tip wil ik nog meegeven om de eerste keer dat je een soort wilt eten maar een klein beetje te plukken. Zo kun je ten eerste kijken of je het wel lekker vind en of je niet de eerste persoon ter wereld bent die allergisch is voor de soort die je gaat eten.

Het eetbare Stobbezwammetje en het potentieel dodelijke Bundelmosklokje

Conclusie

Al met al is er dus geen enkel punt om bang te zijn van paddenstoelen. Ze zijn in geen één opzicht gevaarlijker dan planten. In het Westen is er veel angst voor paddenstoelen en dat is jammer omdat ze in vele opzichten bruikbaar en goed zijn. Wel is het belangrijk dat als je gaat wildplukken dat je heel nauwkeurig werkt, je goed inleest en hulp vraagt van mensen met ervaring. Dat je van iets niet bang hoeft te zijn wil nog niet zeggen dat je alles klakkeloos in je mond moet stoppen