Kinderen in een Voedselbos

“Joost!! Kom van die WC af!! Ik doe bijna in m’n broek!!” hoorde Bram, onze Voedselboskabouter roepen vanuit huis. Hij wist gelijk hoe laat het was. Dit was een bijna dagelijks terugkerend fenomeen in huize Kabouter. Met een enigszins geamuseerde blik op zijn gezicht keek hij door de deuropening naar binnen en zag zijn dochter van de ene op de andere voet springen, voor de deur van het toilet. Joost had er een handje van om uren op het toilet door te brengen met zijn mobiele telefoon. TokTak was blijkbaar de laatste rage bij de kabouterjeugd, zelfgemaakte filmpjes waarin de gebruikers gekke dansjes uitvoeren op muziek en zo veel mogelijk positieve reacties op die filmpjes proberen te vergaren. Bram had er zo zijn bedenkingen over, maar kon eigenlijk maar één ding doen om z’n dochter bij te staan in haar hoge nood: De stoppenkast! Hier volgt nu de conversatie zoals die tussen Bram, Joost als Hannah gebezigd werd: “Joost! Wees eens even sociaal, je zus moet plassen!! Ja maar, ik zit op het toilet!! Dat kan zijn, maar je zit er al ‘n uur!! Zulke verstoppingen komen niet voor in de kabouterwereld! Aaaaaaah?? Nu! Ja, Pappa, ik hou het echt niet meer!! “Klik” AAAARGH!!! Waarom doet Takkenet het niet meer??”

Hoe anders was het in zijn eigen jeugd, bedacht Bram. Er was geen takkenet, je had misschien een radiootje op je kamer staan waar je de laatste hits op kon beluisteren, telefoons hadden nog een snoer en de Kabouterpolitie deed z’n ronde nog op wilde varkens. “Waar zijn al die dingen gebleven die wij vroeger deden om de dagen te vullen?”

De verwondering van kinderen

Kleine kinderen bezitten iets waar volwassenen soms met enige jaloezie naar kijken: de typische, kinderlijke verwondering waarmee ze de wereld aanschouwen. Alles is nieuw, onbekend, soms eng maar ook vaak leuk. Hun wereld is nog klein, de tijd gaat een stuk langzamer; een uur in de trein duurt in hun herinnering een dag, die drie bomen aan het einde van de straat zijn een compleet bos.

Een voedselbos als speelparadijs

Een bos heeft van nature, een bepaalde mysterieusheid waar kinderen, als haast vanzelf hun fantasie de vrije loop laten. Nog meer dan in een regulier bos geldt dit voor ‘n voedselbos; er is immers van alles te ruiken en proeven, zonder dat je ouders constant roepen dat je er ziek van wordt. Daarnaast biedt een voedselbos talloze mogelijkheden voor kinderen om echt iets leuks te doen. Voedselbossen zijn rustige omgevingen waar iedereen mag zijn wie die is, waar kinderen tot rust kunnen komen en niet overprikkeld raken. Ze vinden steeds weer iets nieuws om te ontdekken. Iets nieuws om te maken van de materialen die er voorhanden zijn.

Knutselen hoeft niet met strijkkralen; lang gras is prima om te vlechten, je kunt een mandala op de grond zetten van natuurschatten. Met een rolletje sisaltouw kun je lekker aan de gang en je eigen hut bouwen, geen bouwblokken nodig. Een lekker dik touw in de boom met een knop aan het uiteinde en de schommel is klaar. Een plank op een omgevallen boom en je hebt ‘n wipwap. En mams vindt het vast niet erg als je die natgeregende kleiheuvel gebruikt om naar beneden te glijden! Worden bomen niet opgekroond (het verwijderen van de onderste takken) dan zijn er genoeg soorten in ‘n voedselbos die een mooie klimboom worden. Geld heb je ook al niet nodig in ‘n voedselbos; je betaalt immers met gekleurde herfstbladeren. En dan natuurlijk lekker verstoppertje en treintje spelen achter of op die ene dode boom. En als je dan moe gespeeld bent, is er een fijn kampvuurtje waar je je kunt warmen en ‘n kopje soep kunt eten van groenten en kruiden uit het voedselbos. Zittend op een kussen van verzameld mos, voel je met je wang de zachtheid van de bloem van het kaasjeskruid en eet je ‘m lekker op! Want dat mag allemaal in ‘n voedselbos. De vogels fluiten hun laatste lied en al die frisse lucht zorgt voor een heerlijke, weldadige slaap.

Ze kunnen het nog wel

Joost stond met ‘n lang gezicht op de portiek van het kabouterhuis. Het was niet eerlijk! Waarom had z’n vader nou Takkenet uitgezet? Z’n zusje kwam, zichtbaar opgelucht het huis uit gehuppeld: “Ga je mee, Joost??”. “Wat doen?”, beet Joost z’n zusje toe, “Oh, sorry! Ik verveel me gewoon. Ligt niet aan jou hoor.” “Pappa heeft gisteren de boomhut afgemaakt! Er is nu eindelijk een touwladder naar boven.” zei Hannah met stralende ogen. “Hummmzzzz, vooruit dan”, zei Joost, “dan help ik je naar boven. Niet dat je valt!”. “Jeeeeej!!”, riep Hannah en zette het op een lopen, het bos in, richting de boomhut. Terwijl Joost achter haar aan liep kwam Bram net het huis weer uit en zag z’n kroost het voedselbos in verdwijnen. Een dikke glimlach rond zijn mond. “Kijk, ze kunnen het dus wel nog, geen Takkenet nodig om je te vermaken! in ons bos!”