Arbusculaire mycorrhizae: De ruggengraat van het ecosysteem Deel 1

Arbusculaire mycorrhizae is de naam voor de samenwerking tussen een groep schimmels, de Glomeromycota, en planten. In dit artikel leggen we uit hoe dat werkt en waarom het zo belangrijk is.

Wortels gekoloniseerd met mycorrhizae
Wortels gekoloniseerd met mycorrhizae

Wat zijn Arbusculaire mycorrhizae?

Arbusculaire mycorrhizae is de naam voor de samenwerking tussen een groep schimmels, de Glomeromycota, en planten. We korten het begrip Arbusculaire mycorrhizae af tot AM in de rest van het artikel.

AM zijn dus samenwerkingen van schimmels met planten. En niet zomaar een samenwerking. Wellicht dé belangrijkste samenwerking die we tot nu toe kennen in de natuur. Honderden miljoenen jaren geleden hadden planten namelijk nog helemaal geen wortels en waren ze compleet afhankelijk van AM om aan hun voeding te komen.
Door deze samenwerking was het voor planten mogelijk om vanuit het water het aardoppervlak te koloniseren. Deze kolonisatie van het aardoppervlak door planten heeft ervoor gezorgd dat het harde gesteente van het aardoppervlak bedekt werd door een laag organisch materiaal wat we nu de bodem noemen waarop al het andere leven op het aardoppervlak kan leven.
Deze AM waren dus een van de eerste organisme in de bodem en aangezien ze er nu, miljoenen jaren later, haast onveranderd nog steeds te vinden zijn, blijkt dat ze een belangrijke rol vervullen voor al het leven wat verder in en op de bodem leeft.

Arbusculaire mycorrhizae
Arbusculaire mycorrhizae

Tot op de dag van vandaag werkt nog 80-90% van alle plantensoorten, waaronder bijna alle voedselbos soorten, samen met AM. De AM leveren onder andere nutriënten aan de plant waar de plant zelf niet bij kan, maar ze beschermen planten ook tegen ziekteverwekkers en uitdroging. Deze samenwerking komt tot stand doordat het het mycelium (=netwerk van schimmeldraden) van de Glomeromycota zogenaamde arbusculen aanmaakt in de cellen van de wortels van de plant. Deze arbusculen zijn een soort samensmelting van de schimmelcellen en de plantencellen waar vervolgens nutriënten uitgewisseld worden.
De schimmel levert hier aan de plant nutriënten zoals stikstof, kalium, fosfaat en verschillende sporenelementen. De plant levert in ruil hiervoor suikers en vetzuren aan de schimmel.

Arbuscule formatie
Arbuscule formatie


Uit onderzoek blijkt dat planten die meer behoefte hebben aan bepaalde nutriënten daarvoor ook meer suikers en vetzuren aanbieden dan planten die al genoeg hebben van deze nutriënten. Deze ondergrondse economie gebaseerd op vraag en aanbod zorgt dat de beschikbare nutriënten mooi verdeeld worden over de planten en dat de juiste hoeveelheden aan de juiste soorten worden geleverd.

Dat AM dus een onmisbare rol spelen voor plant en bodem daar kunnen we niet omheen. We denken zelfs dat vele andere micro-organisme de AM nodig hebben om te kunnen bestaan. Hoe het allemaal precies werkt en welke relaties er zijn valt nog veel over te leren. Gelukkig weten we al wel wat methodes om de AM in de bodem te stimuleren. Meer daarover in deel 2.